Wijzijnweg.com

You are here:  Home > Links > 2010 > Iran
top
Page

Iran

 

 

 

Iran.


Voor de foto s klik  hier.

 

Van 17 maart tot 4 April.

 

4322km gereden     1232 liter diesel getankt     14 € betaald aan de pomp.   1,13 eurocent de liter  

 

 

 

Van 17 maart tot 25 maart.

 

Tabris.

 

 

Na onze dezatreuze grenservaring reden we blij de grenspost over en stopten na 200m reeds om wat te bekomen. We wilden ook wat geld wisselen, maar iedere bank stuurde ons steeds terug naar een andere bank of naar de grens. Uiteindelijk was er een vriendelijke Iraniër die ons zelf geld wisselde aan een goede wisselkoers. We kregen 1 360 000 Rial voor 100€.

En toen besloten we om verder te rijden, richting Tabris, de eerste grote stad op onze reisweg. Na een 60tal km vonden we een benzinnestation met vrachtwagens aan het tanken. Dit is onze kans om even te testen hoe het werkt. We stoppen en doen alsof we geen kaart hebben en vragen of we er geen mogen gebruiken. Direct staat er een klein manneken met kaarten te zwieren om te kopen. Uiteindelijk na heel wat discutie kopen we een kaart van 650L ( alé dat zal de toekomst uitwijzen) voor 500 000 rial zijnde 36€. We krijgen maar 150L en moeten de rest aan het volgende tankstation halen. Daarom weten we nog niet of deze kaart werkelijk recht geeft op 650 liter.  We zien het wel.

Na 250km rijden op redelijk goede weg, komen we in Tabris aan. We rijden het stadscentrum binnen, wat trouwens verboden is voor vrachtwagens en ontdekken snel waarom. Heel veel verkeer. Tabris is een stad van 2 milj inwonners en het is spistuur. Bij het buitenrijden van de stad koop ik nog een stukje L ijzer voor het herstellen van een lade. Een vriendelijk jongeman toont me waar ik zoiets kan vinden. Ze hebben niet echt wat ik zoek, maar ze maken het voor me. Daarna stapt de man die me hielp ook nog in onze truck om ons naar een park te brengen waar we kunnen overnachten. Zijn vriend volgt met de wagen om hem terug te brengen. Dit is hier het soort vriendelijkheid waar we constant mee geconfronteert zullen worden.

Het is al laat geworden en we besluiten om morgen pas terug naar het centrum te gaan, we lopen nog even in het park en vallen dan als blokken in slaap na het bekijken van een toffe film.

 

 

De volgende morgen maken we kennis met Erfan, hij zit rustig te wachten tot we uit onze wagen komen en geeft ons dan een stadsplan en heet ons welkom in zijn stad Tabris. Dit alles met niet de minste verplichting of druk. We maken een praatje en zeggen dat we met de moto naar de stad rijden en hij nodigt ons uit om vanavond bij zijn familie te gaan eten.

Het schijnt dat dit hier normaal is , dus we spreken af om elkaar te bellen als we terug bij de camper zijn.

We springen op onze tweewieler en rijden naar het centrum, wat een drukte. We zoeken naar de oude bazaar, waar de toerist info is gelegen. Daar ontmoeten we Nasser Khan, een supervriendelijke Iranier die alle buitenlanders helpt met info, raad en daad. Dit is nog eens ontvangen worden in een vreemd land!! We hadden zijn stek en zijn maan gekregen van andere reizigers en zullen hem ook verder bekent maken bij andere reizigers. Hij helpt ons met onze verzekering en wisselt geld en geeft ons bij een lekker kopje thee, info over zijn stad en land. Hij verteld ons ook dat er nog anders buitenlanders in de stad zijn en dat ze in het El Goli park slapen, net aan de andere kant van waar wij onze truck geparkeert hebben.

We tekennen zijn gastenboek en spreken af om later nog terug te komen. Dan duiken we de stad in en bezoeken het muzeum en de blauwe moskee. Beiden de moeite om gezien te hebben, maar nu ook niet om vanachterover te vallen. Ze mogen trouwens eens die ingang van de blauwe moskee aan de andere kant leggen, want hij ligt langs achter.

De oude bazaar is een 3 km lange halfoverdekte markt waar je alles kan kopen wat je maar bedenken kan. Na enkele uren zijn we moe gewandeld en begon het nog te regenen. We rijden in de pletsende regen tot aan de truck en kletsnat drogen we eerst onze kleren en laten we ons zelf weer wat op temperatuur komen.

Dan zoeken we naar het El goli Park, waar die andere overlanders staan. Na een uurtje rondrijden hebben we het uiteindelijk gevonden. Het is aan de ander zijde van de stad en je moet de hele ring rond rijden en het dan nog vinden ook. In het park zien we onmiddellijk de overlander staan en we parkeren naast hun truck. Onze buren rijden met een oude kurthauser, mercedez van het leger, omgebouwd tot pratische camper.

Ze zijn wel niet thuis  en we bellen Erfan dat hij ons mag komen halen. Hij komt eraan zegt hij. Na 2 uur wachten en scheel van de honger houden we het voor bekeken en maken zelf eten. Je raad het al, net hebben we gedaan met eten en daar staat hij dan.

We leggen hem uit dat het wat te lang duurde en hij legt uit dat de politie zij wagen heeft afgenomen omdat hij te snel reed.

Zijn nonkel heeft hem dat gebracht en dat duurde zo lang. We besluiten om mee te gaan en dan gewoon niet te veel te eten.

Na 40 minuten stressen in het drukke verkeer zijn we bij zijn huis aangekomen, we worden er vriendelijk ontvangen door zijn moeder, zuster, en bijna schoonbroer. Het huis is zonder meubels en de grond is gesiert met Iraanse tapijten, waar we mogen opzitten met kussens, heel speciaal! Mama is groenten aan het kuisen en wij krijgen thee koffie en noten, fruit en nog wat ongekende niet slecht smakende vruchten. Na enkele uren brengt de kleinzoon ons terug naar de truck. Het is zo hard aan het sneeuwen op dat moment dat we meer dan een maal slippen en uiteindelijk in het park niet tot aan de truck  geraken door de vele sneeuw. Het park heeft zich omgetoverd tot een ijspiste waar tientallen outo's een slipdansje opvoeren met hun (meestal) versleten vierwieler. Wat een herrie, moeten wij hier slapen, Hallo!! Na een tijdje komt de politie het park ingereden en alsof deze een besmettelijke ziekte versprijden druipen alle aanwezigen stilzwijgend en orderlijk het park uit. Heel raar om zien.

Dan kunnen we uiteindelijk ook rustig slapen.

 

 

We worden wakker en zien dat de sneeuw deze nacht verdubbeld is. Ik ga even buiten om een maagdelijke foto te nemen van het sneeuwtapijt en onze truck en maak kennis met de buren, Thomas en Sabine. We praten wat door en zij gaan later vertrekken, ze staan hier reeds 12 dagen en vonden Tabris de moeite, dat is duidelijk. Een plaats waar wij 12 dagen blijven moeten ze nog uitvinden! Uiteindelijk start zijn truck niet door de hevige kou en spenderen we de rest van de dag samen in  zijn en onze truck.

Tegen de avond komen er ook nog Iranese kennisen op bezoek en hebben we samen een leuke avond, waar we echt in de Iranese cultuur duiken, zonder te veel over politiek te praten, want dat is hier verboden.

 

 

De volgende morgen start de truck nog niet en we warmen water om de dieselfilter te ontdooien. Na uren proberen start hij tocht uiteindelijk. Thomas zet nog alle kaarten van onze reisweg op mijn GPS (die prutser van Naverick had het weer eens verkeerd gedaan) en dat is een zegen. Tegen de middag nemen we afscheid en rijden wij naar het centrum en zij naar het zuiden. Waarschijnlijk komen we elkaar tegen rond Theheran.

Vandaag  20 maart, is het de laatste dag van het jaar in Iran, we zien dan ook vele mensen inkopen doen en zich klaar maken voor de jaarwisseling. We bezoeken nog even de bazaar, kopen typisch Tabrise koeken die we bij Thomas geproefd hebben en superlekker zijn zoals bij ons de makronekes maar nog beter, en de bureau van Nasser,( maar hij is er niet) en dan rijden we terug naar de truck. We hebben hier reeds 2 dagen internet en gaan nog wat bellen naar vrienden en familie.

Morgen rijden we door naar de Caspische zee, richting Astara, 4 dagen Tabris is voor ons reeds een record!

 

 

Caspische zee.

 

 

Na nog een flinke wandeling rond het meer in het El Goli park starten we de truck en rijden we met onze nieuwe soft ware in de GPS richting Caspische zee. Een ritje van een dikke 300km die ons door mooie streken voert. De Caspische zee ligt ten noorden van Iran en blijkt wel mooi te zijn. Tegen de avond bereiken we Astara en zetten ons langs een parking net buiten de stad om van hieruit morgen verder te rijden.

 

Vandaag gaan we bijna de volledige kustlijn afrijden en doorkruisen een 30 tal dorpen. Dit is zeer tijdrovend, maar wel de moeite waard. Dorp na dorp zien we de gebruikelijke tafferelen en we genieten van de locale cultuur en gebruiken.

De weg staat vol met verkopers van allerhande pluimage. De weg is ook bezaait met snelheiddrempels, de ene al wat vriendelijker dan de andere en heel soms missen we er een en dan worden we met een klap door de cabine gecatapulteert. De weg is ook bevolkt met chaufeurs die hun rijbewijs bij de waspoeder hebben gekregen en tot 3 maal toe hebben we bijna een aanrijding.

We moeten echt eens die verzekering nemen. Dit hadden we verleden week willen doen maar alles is een week dicht met de jaarwisseling. We rijden meer dan 7 uur over een kleine 400km.

Morgen willen we naar Dizin, om er een dagje te skieen. We parkeren de truck net voor de bergketen die we liever overdag rijden. We gaan nog een visje,(lekkere zalmforel) eten in een locaal restaurantje en kruipen dan met een dvd in ons nestje.

 

 

Dizin.

 

De 100km die ons nog scheidt van het skioord zijn er van klimmegem. We rijden van zeeniveau naar meer dan 2500m.

De eerste 10 meter gaan moeizaam, want de politie stopt ons en in het Perzisch legt de man uit dat we moeten terugkeren.

Na een ellelange discutie halen ze er een Iranier bij die engels kan. Hij legt uit dat er op deze weg geen vrachtverkeer mogelijk is, en we zeker niet naar Dizin kunnen rijden. Ik leg hem vriendelijk uit dat we geen vrachtwagen zijn, maar een camper en dat we niet naar Dizin zullen rijden maar naar Thehran. Na een verdere discutie waar ik geen jota van begrijp worden we bij het opperhoofd geroepen en daar start gans de discutie opnieuw. Uiteindelijk zegt die man, als je niet naar Dizin rijdt dan mag je verder. Ik bedank hem nog en prijs zijn land de hemel in en we vertrekken. We klimmen en we klimmen, niet normaal!!

We rijden in de kleine versnellingsbak en de wagen verbruikt een sappige 100Liter. Pas op aan deze dieselprijzen, geen probleem, zelf een pluspunt om de motor eens helemaal los te maken, en dat doen we ook. Ondeweg krioelt het van politie en steeds willen ze ons stoppen, maar we rijden te snel naar omhoog en zwieren naar ze als twee nietsvermoedende toeristen. We weten wel heel goed wat ze ons willen zeggen. Bij een heel trage bocht is het dan weer prijs de man spring naar voor en zegt ons te stoppen.

We moeten terug, want we mogen hier niet rijden, de discutie begint opnieuw, maar we staan hier zo slecht en zo gevaarlijk, dat ik hem na 5 minuten reeds kan overtuigen om me door te laten. Voor we Dizin bereiken worden we nog eens tegengehouden en moet ik weer heel mijn verhaal doen en de camper tonen, voor men  mij met tegenzin laat verder rijden.

Uiteindelijk bereiken we het skioort en zetten we de camper op de parking naast de skilift. Onze Duitse vrienden, Thomas en Sabine uit Tabris staan hier reeds 2 dagen, maar zijn aan het skien, we zien ze vanavond wel. We duiken ons de skiverhuur binnen en betalen 15 dollar de man, voor onze skiuitrusting, niet duur!! Daarna moeten we wel 44 dollar neertellen voor een halve dag skiplezier, Wel duur!! Het weer is buitengewoon warm en we genieten van een namidag ski en apresski. We komen versleten terug aan de truck.

Wat een spierpijn, van dat beetje skien!! De mannen van de skiverhuur komen even de camper inspecteren en we geven ze een volledige rondleiding. Het plezante van deze zaak is dat we de skiuitrusting niet meer moeten naar de winkel sleuren, want zij nemen die terug mee. Na een tijdje landen ook onze Duitse vrienden na een dagje snowborden, beiden zijn ook uitgeteld en we nodigen ze uit op een fruitsapje. Nadat nog verscheidene skiers onze camper komen bekijken zijn, eten we samen met de buren nog een lekker ( door greetje gemaakte) tomatensoep met balletjes. Bij een flesje illegale wijn( In Iran ten strengte verboden alkoholische dranken in je bezit te hebben) wordt de avond afgesloten. Morgen rijden we naar de hoofdstad Teheran.

 

Van 25 maart tot 4 april.

 

 

Teheran.

 

Net na het ontbijt rollen we onze matten op en rijden we richting hoofdstad, Teheran. Het verkeer gaat nog traag door de drukte van de nieuwjaarsvakantie. Op een 50km voor onze eindbestemming stoppen we nog even onze protesterende magen.

Greet grapt dat onze Duitse vrienden hier zo kunnen voorbijrijden en wat denk je. Net voor we gedaan hebben met eten zien we ze voorbijrijden. We praten even en zeggen dat we zo komen. We rijden en rijden op de snelweg maar zien onze vrienden niet meer terug. Opeens een tankstation met diesel en daar moeten we gebruik van maken, er kan bijna 250 liter bijgetankt worden en dat is voldoende om te stoppen. Op 5 km van het centrum vragen we een taxi naar het park dat we zoeken, hij brengt ons er keurig naartoe, maar wil daar wel dik geld voor. Na wat discutie is hij tevreden met mijn idee over zijn bijdrage.

We smsen de coordinaten van het park door naar onze vrienden en rusten wat uit in de truck.

Als we klaar zijn om de metro te nemen om naar het centrum te gaan komen onze vrienden de parking opgereden.

Teheran is helemaal leeg, door de uittrek van de nieuwejaarsvakantie, en we vinden er niet zoveel aan. Tegen de late nammidag komen we doodmoe aan de truck en vallen we als blokken in slaap.

 

Esfahan.

 

Na een kleine wandeling in het prachtige park springen we nog even bij de buren binnen en nemen we uitgebreid afschied. Normaal zien we ze niet meer terug op deze reis. Sabinne haar ouders komen naar Teheran en dat is pas over een week, en dan zijn we reeds lang uit hun gebied verdwenen. Het is tegen de middag wanneer we richting Esfahan rijden.

Onderweg overal picnikende Iraniërs, het is een nationale sport. Iedere Iraniër heeft een tapijt in de koffer van zijn wagen liggen, en op alle mogelijk en onmogelijke plaatsen halen ze dat uit en starten een picknic. De jammere zaak van dit gebeuren is dat ze dan ook overal bergen afval nalaten. Voor de rest is het wel een leuk fenomeen om gade te slaan, sommigen zetten gewoon de auto op een druk kruispunt en leggen hun tapijt op de stoep en hopla een picnik, iedereen zelfs de politie vindt dit hier normaal.

Deze snelweg is een tolweg, maar bij de eerste 4 tolhuisjes, wil ik uitleggen dat ik camper ben en geen truck en we worden spontaan doorverwezen zonder betalen. De 5de is een man die wel Engels spreekt en promt moeten we betalen, niet zoveel maar toch meer dan bij de vorrige. Het laatste tolhuisje is terug gratis voor ons, toch plezanter!

De 450km die ons van deze stad scheiden leggen we redelijk snel af en tegen de avond aan, rijden we de stad binnen. We gaan op zoek naar een park in het centrum waar je lekker  met de camper kan staan. Het is spitsuur en een drukte van jewelste, wanneer we door een woeste politieman uit het verkeer gepikt worden. In Iran mag je met een vrachtwagen de stad niet in, maar wij zien onszelf als een camper en zijn daar gedurende onze doortocht in Iran noch nooit voor op het matje geroepen. Deze keer is het anders, die politieman ziet ons degelijk als een vrachtwagen en beveelt ons het centrum op staande voet uit te rijden. Jammer, we waren op 700m van onze campeerspot geraakt!! Even verder worden we terug tegengehouden, maar dan door een vriendelijkere politieman en hij loodst ons uit het centrum. Hij toont ons waar we wel mogen staan en na heel wat vragen en rondrijden parkeren we uiteindelijk op een supervolle parking aan een ander park.

We lopen nog even het park in en er staan honderden tenten opgesteld van nieuwjaarsvierende Iraniërs, een heel kleurijke bedoening. We kruipen in ons bedje en het is net of we op een jaarmarkt liggen te slapen, het duurt dan ook wel even vóór we slaap vatten

 

 

Het eerste wat we hier gaan organiseren, is een verhuis van slaapplaats, niet alleen is deze veel te duur 12$ voor 1 dag, maar ze is ook veel te luid. Ik haal de moto uit zijn stal, en ga op zoek naar een geschikte campeerspot. Nog geen kilometer verder vind ik die en we verhuizen gans de boel in een oogwenk.

Dan trekken we de stad in, eerst het famueze park en dan langs de vele winkeltjes naar de waterkant, waar we echt genieten van het mooie weer en de vele mensen. Deze willen ons eten drinken en nog wat vanalles aanbieden, er willen ook velen met ons praten en vragen steeds vanwaar we zijn en wat we van Iran denken. De Iraanse bevolking lijdt erg onder het zo verkeerde idee dat de media geeft over hun land. Je gaat me niet horen vertellen dat de de Iraanse regering  ( waar je normaal niet mag over spreken, laat staan schrijven) niet verkeerd is. Maar het land zelf en hoe de mensen zijn, is helemaal het tegenovergestelde van wat wij, westerlingen ervan denken. De veiligheid is ook zoiets, je kan je gewoon niet voorstellen hoe veillig dit land aanvoeldt en dan ook werkelijk is, je moet er zijn om het te geloven. Ik kan mijn moto hier gewoon zonder op slot te doen achterlaten in een stad van 3 miljoen inwonners en er zeker van zijn dat hij er nog steeds zal staan bij mijn terugkomst. Ook kunnen we hier gewoon met de camper staan waar we willen en er zeker van zijn dat we niet gestoord worden, laat staan bestolen ! De Iraanse mensen zijn heel taktvol en gaan je wel steeds benaderen, maar je ook niet storen in wat je aan het doen bent. Alé je moet het meemaken om het te geloven.

Tegen de avond worden we door een opkomende wolkbreuk, naar de truck gejaagt, net voor de hevige regen bereiken we onze camper, het was een mooie dag, morgen duiken we verder in deze mooie stad.

 

 

Het regend pijpenstelen en we overwegen om door te rijden, richting Shiras, onze volgende stop,maar beslissen dan toch om een taxi te nemen en nog een dagje te blijven. Uiteindelijk komt er een Iraanse vrouw, ( Anahita) en steldt ze voor om ons naar de stad te brengen. Met het weinige Engels dat ze spreekt, verteld ze ons dat ze, 29 is, sportleraares  en ongehuwd. Na wat verkeerd rijden brengt ze ons tot op Iman Square en laat ze haar telefoonnummer na om ons weer op te halen, probeer het maar eens in Belgie!! Je zal lang zoeken om zo iemand tegen het lijf te lopen.

We zijn heel blij dat we gebleven zijn, want Iman Square is echt de moeite, het is een groot plein, met prachtige gebouwen en een supergave, bazaar, waar je uren kan in verloren lopen. We ontmoeten er ook een Iraanse tapijtverkoper, die in Vigo (Spanje) leeft en hier ook een tapijtshop heeft. De man, die vloeiend spaans spreekt, geeft ons zeer nuttige info over onze dieselkaart en nog wat belangrijke zaken, en het is fijn om nog eens onze tweede taal te oefenen. Zijn naam is Hossein, en zijn winkel heet Nomad, iedereen kent hem hier en hij staat ook in de Lonely Planet. Hij geeft ons ook de block van 2 Zwitsers die hier 4 dagen terug voorbij kwamen en ook via Pakistan naar India rijden. We sturen ze een mail op hun Block en hopen ze te ontmoeten. Bij het naar huis gaan proberen we ook nog even onze verzekering af te sluiten, maar dat gaat helemaal niet en de man verzekerd ons dat we met onze verzekeringspapieren in orde zijn. Gebeten door het idee van die Zwitsers te ontmoeten, besluiten we niet naar, Shiras, maar eerst naar Yazd te rijden. Als we ze ontmoeten kunnen we nog zien en zoniet kunnen we nog naar Shiras rijden.

 

 

Yazd.

 

We hadden gisteren de truck net buiten de stad gezet en staan hier aan een bezinnestation, waar we diesel en water getankt hebben. Vanhieruit rijden we richting Yazd, 300km ongeveer. De weg gaat door de woestijn en buiten enkele luchtafweergeschutten van het Iraanse leger is hier niet veel te zien. Het is een viervaksbaan met een tussenberm van wel 100 meter.

Wat je hier wel tegenkomt, is de bloeiende Iraanse filmindustrie. Overal vind je politie met kamera's langs de weg om de snelheidsduivels op de bon te slingeren. Geheikt om de zoveel kilometer staan ze  trouw op post, de politieman achter de camera alsof er zijn leven er vanaf hangt. Wij rijden natuurlijk nooit te snel en worden dus ook niet gestopt.

Net voor Yazd stoppen we nog even aan een soort marktje waar ze de kindjes op kamelen laten rijden, even rondsnuiven en weer verder. In Yazd aangekomen, moeten we vragen waar het hotel ligt, want het is er groter dan we dachten en ook drukker.

Uiteindelijk moeten we zelfs de moto uithalen om naar het Silk Road hotel op zoek te gaan. En maar best ook, want je kan er zelfs met een gewone wagen niet bij. Het hotel ligt midden in smalle straatjes die alleen toegankelijk zijn door voetgangers , fietsen en brommers. Het is er wel mooi en speciaal, maar wij waren van plan om hier te wassen en onze truck te parkeren aan het hotel. De eigenaar, die onze papieren regelde voor Iran is er niet, maar we vinden er wel een kleurijke verzameling van reizigers van alle alooi en afkomst. Onze Zwitsers die we zoeken zijn hier niet geweest, maar er wordt ons verzekerd dat er meer dan mensen genoeg, richting Pakistan rijden en we die verder in Kerman of Bam wel zullen ontmoeten.

We eten er een lekkere maaltijd en lopen wat in het kleine stadscentrum rond. Later gaan we samen met enkele reizigers naar een speciaal plaatsje op een dak naar de sunset kijken. Vanaf deze plek kan je een groot deel van Yazd zien en het is wel speciaal. De gebouwen zijn uit leem en stenen en lijken ruines, maar zijn wel nog bewoond. Terugkerend moeten we door een moskee waar Greet zo´n witte lange doek op het hoofd moet dragen om door de moskee te mogen. Na de sunset gaan we met Cristofer een Deense jongen nog een piza eten en praten de rest van de avond over reizen enz. Hij komt ook nog even mee naar onze truck die hier een straat verder staat en we maken er een gezellige avond van. Omdat het reeds heel laat is besluiten we gewoon hier te blijven slapen, we staan gewoon in het midden van het centrum langs een drukke straat.

 

 

Persepolis.

 

Voor we verder rijden lopen we nog vlug even naar het Silk Road hotel om te kijken of die Zwitsers geen mail terug hebben geschreven. Helaas staat er niets op en besluiten we verder naar het Zuiden te rijden, richting Shiraz.

Deze binnenweg valt heel goed mee en we schieten aardig op.

Mijn dieseltank verdraagt weer wat vloeistof en ik stop even bij een tankstation. We hebben gisteren de eerste keer zonder dieselkaart getankt en het viel niet mee om wat los te krijgen. Uiteindelijk maar 62 liter gekregen van een andere chaufeur zijn kaart en dat met veel problemen. We proberen het vandaag terug en deze keer is er een vriendelijke man die me zonder veel dralen zijn kaart laat gebruiken. We tanken 110 liter en daarmee loopt de tank over, wat hier helemaal niet erg is. We hebben nog 400 liter op kaart staan, maar willen die houden om onze tank vol te krijgen voor de Pakistanese grens, hoe dichter bij de grens hoe moeilijker om diesel te krijgen.

Diesel is hier echt spotgoedkoop, maar toch een strespunt je bent namelijk nooit zeker of je er aangeraakt en aan de grens wordt er gretig gefraudeerd om je dieselkaarten te verkopen. We hoorden dat er reizigers tot 800 € betaalden voor die kaarten. Ons vroegen ze  555 € en uiteindelijk betaalden we 129 € en stal de papierenregelaar de rest van onze 200 €.

Aan de pomp krijg je hier tussen de 70 en de 100 liter voor 1 euro, maar bijna nooit zovee literl als je werkelijk wil tanken.

Alles bij elkaar blijft het toch leuk kilometers maken aan die prijzen. Ik heb er dan ook van geprofiteerd om mijn  motor los te rijden. We rijden hier de bergen omhoog, aan een in Belgie niet veroorloofde snelheid, door het hoge dieselverbruik.

In de late namidag komen we aan in Persepolis, dit is een oude ruine, waar de Iraanse bevolking heel fier over is. Het krioelt hier dan ook werkelijk van Iraanse toeristen, niet normaal!!

We parkeren ons voor de nacht en ik ga met de moto even op onderzoek en Greetje maakt ons wat te eten. De batterijen lopen over door de stralende zon en we besluiten om een wasje te draaien. De mensen kijken hun hier de ogen uit op ons wasmachine.

Voor de rest maken we nog een kleine wandeling en besluiten om morgen de site te bezoeken, het is nu reeds te laat.

 

 

Shiras.

 

 

Voor we verder naar Shiras rijden halen we de moto uit en rijden we naar de Persepolis site. Dit is niet zo ver maar toch te ver om het te voet te doen, luierikken dat we zijn!  De zon schijnt zo hard dat we besluiten om nog een was te draaien terwijl we naar de site zijn. Zo zijn we verplicht om er toch 1u 36min te spenderen, de tijd van onze was!!

Aan de ingang rekenen we 1 dolar af voor de beide tikketen, dit is wel niet duur. We laten ons nog even in een koets met paard hijsen en voor 3 dolar rijden ze met ons 200 meter de parking rond, dit is ook niet duur maar wel niet de moeite. Het is 10 uur, maar reeds broeiend warm. De toeristen stromen toe en de Persipolis vult zich langzaam maar zeker. De site is heel mooi, maar als je naar Efeze ( Turkije) geweest bent is dit maar een flauw afbaksel. Vele Iraniers vragen ons wat we er van vinden en we stellen hun gerust, het is mooi manneken! Greetje heeft wat last met haar darmen en moet vlug naar de wc, dat is niet simpel, want de dichtste wc is aan de andere kant van de site. Uiteindelijk redt ze het wel. De reden van haar darmproblemen is niet het slechte eten of drinken in Iran, maar ( niet lachen he!!) een doosje speculoos dit eventjes over tijd was ( maar 2 jaar dus!!!), waar ze niet kon aan weerstaan. En ze dacht dat loopt wel los , ja juist niet!!!

Als we terug naar de truck lopen, zijn we blij dat we met de moto gekomen zijn want zo raken we op tijd terug op onze wc!

We halen onze was uit en hangen hem te drogen in de truck binnen en dan richting Shiras. Het is maar 45 km meer en snel zijn we Shiras aan het binnen rijden. Net voor we de stad binnen rijden ziet Greet nog een man met een dikke slang de planten water geven langs de weg. We stoppen en vragen hem of we zijn slang even mogen gebruiken en door het grote debiet is onze tank op een snik gevuld, nu hebben we diesel vol en water vol en zijn er weer helemaal klaar voor.

Shiras is volgens vele Iranieers een klein Parijs, dus romantisch!! We gaan dat even testen.

We parkeren onze truck, springen op onze tweewieler en rijden het centrum in. We zoeken toch wel een uurtje om uiteindelijk tot de constatatie te komen dat alles hier dicht is tot 5uur in de nammidag. In de lonely planet stond een botanische tuin en deze gaan we verkennen tot 5 uur, dan pas is de rest open. Bij de tuin aangekomen willen we een tiket kopen en de verkoper neemt ons mee naar een ander bureau en zegt ons dat het 8 dolar is voor  2 tikets. Op zich wel te betalen, maar als je weet dat je voor Pesipolis 1 dollar voor 2 tikets betaald is dit een rip off!!! Een vriendelijke Iraanse man is wil ons voor de normale prijs  binnenlaten maar de eerste verkoper wil er niets van weten. Dit is de eerste keer dat we in Iran andere prijzen moeten betalen voor een bezienswaardigheid. We beslissen dat ze hun botanische tuin mogen steken waar we het gedacht hebben en rijden naar de bazaar. Deze bazaar is het modernste shopping center dat we in Iraan reeds gezien hebben. Je kan het vergelijken met een iets verouderd shoppingcenter van bij ons, dat is toch al de moeite he!!

We spenderen er de rest van de nammidag en zoeken dan een slaapplaatsje net buiten de stad, richting Bandar Abas, waar we morgen heenrijden.

 

Bandar Abbas.

 

Vroeg in de morgen  rijden we richting kuststreek en de stad Bandar Abbas. We leggen er de pees op en na 7 uur rijden staan we 600 km verder aan de kust.  De weg is mooi om te rijden, maar gaande weg vliegt de temperatuur naar omhoog. We rijden van 22 graden naar een zwoele 36 graden. In Bandar Abbas aangekomen parkeren we onze truck net buiten de stad en halen onze tweewieler uit om op verkenning te gaan. Langs de kust is er een grote bazaar en daar lopen we even, maar we zijn zo moe van al dat rijden dat we vlug in ons bedje kruipen. Morgen kijken we hier nog wel even rond.

 

Kerman.

 

We hadden de Perzische zee nog niet gezien en gisteren zo moe !! Dus deze morgen de brommer op en richting centrum. We maken een mooi ritje langs de kust en schieten wat fotootjes. Het weer is warm en zwoel maar zo vroeg in de morgen valt het nog mee. Na een uurtje verkennen, parkeren we onze tweewieler terug in zijn stal en rijden we richting Kerman.

De eerste benzinnepomp stop ik en probeer weer eens te bedelen om diesel. Na wat aandringen lukt het om mijn tank te vullen, er gaat 145 liter in, dus zijn we blij. De weg richting Kerman gaat ook zoals de vorige door woestijn en zeer droog gebied.

We komen aan in Kerman rond 17 00 h en hebben er dan weer reeds 475 km opzitten. Bij het binnen rijden van de stad is er een tankstation en ik ga weer wat bijvullen. Deze keer is het wat moeilijker en ik blijf gewoon de pomp blokkeren tot ze me diesel geven. Uiteindelijk geven ze toe en krijg ik 100 liter, waar ik dan 125 van maak met het excuus hij is nu vol!

We rijden naar een hotelletje, waar we hopen andere overlanders te treffen om samen naar de Pakistanese grens te rijden.

Maar helaas vinden we niemand. We betalen 4 $ om op een grote binnenkoer van een hotel te overnachten. Greetje vindt dit  niet nodig en zegt dat we buiten even veillig slapen, maar ik slaap beter hier achter gesloten deuren.

Vanaf deze stad tot aan de Pakistanese grens is er veel drugsmokkel en is het beter om samen te rijden en toch wat uit te kijken. We halen de moto uit zijn stal en gaan nog even een ander hotelletje inspecteren op overlanders. Na lang zoeken vinden we uiteindelijk dat ander pension, maar helaas pinda kaas ook geen overlanders.

Na nog wat aanvullende inkopen keren we terug naar onze slaapplaats. Het hotel heeft internet en we gaan wat mails lezen.

De computer is van het tijdperk voor er computers waren en het gaat zo traag, dat we het gewoon opgeven. Ik geef greetje nog een lesje in rumicup en we vallen zalig en veillig in slaap.

 

 

Bam.

 

De bijna 200km die Kerman scheiden van Bam leggen we rustig af en tegen de middag komen we aan in Bam. Het is geen grote stad, maar toch moeten we er de politie bijhalen om het Akbar Tourist Pension te vinden. Een vriendelijke man verwelkomd ons en schenkt ons thee. We praten wat en greetje doet een napje terwijl ik onze site update.  Na de middag brengt Akbar ons naar de oude stad Bam. Op 27 December 2003 om 5,20 in de morgen is deze stad getroffen door een zware aardbeving. Akbar verteld ons dat het 12 seconden duurde, maar er meer dan 40 000 doden vielen in de eerste 2 seconden. Hij is ook alles verloren en 47 dierbare vrienden.

Nu 7 jaar later is men nog steeds bezig met het heropbouwen van de oude en de nieuwe stad. Bam lijkt wel een bouwwerf!

We bezoeken de oude stad en zien de verwoesting. 

Het Iran van de vorige weken is verdwenen en hier voelt het niet onveillig aan ,maar wel heel anders. De mensen zijn anders en de tourist politie wil weten waar je bent en wat je uitspookt. We worden dan ook met een smoes verteld dat het beter is de moto niet te gebruiken en als we ergens naar toe willen voert Akbar ons wel. Een man van de tourist politie wil alles over ons weten en spendeerd rustig wel 3 uur in het pension, we komen hem ook (toevallig) tegen in de oude stad. De bemoeizuchtige en alles controlerende regering, die zo verstopt was is gans Iran, komt hier wel naar boven. Maar we laten er onze slaap niet van en kruipen lekker in ons zallige bed.

 

Van Bam naar Zahedan en naar Mir Javeh

 

Om 8 uur stipt staat onze politiebegeleiding aan het pension. De politiewagen escorteerd ons uit de stad en al na 5km wordt er overgenomen door een andere politiewagen. De 400km die we af te leggen hebben tot aan de grens worden we door 15 verschillende patroulles vergezeld. Sommige zijn vriendelijk en sommige gewoon nors, sommige rijden normaal andere heel traag, sommige staan klaar, op andere moeten we soms een uur wachten. Ale je snapt het al een dag vol miserie en stress!!

Gelukkig is het mooi weer en genieten we van de natuur en de duinen in de baluchistan woestijn. Deze begeleiding is nodig omdat de weg tussen Bam en de Pakistanese grens een smokkelroute is en de meeste drugs die Europa binnenkomen vanuit Afganistan en Pakistan deze weg neemt. Aan de uitkant van Zahedan op 100km van de Pakistanese grens komen we nog een Duitser met een in India beschilderde kever tegen. De jonge man heeft 1 jaar in Islamabad aan een zonneenergie project gewerkt en rijdt nu huiswaarts in zijn zeer opvallende kever. We spreken af ons te treffen via mail, want hij wordt aangemaand om voort te rijden en onze escorte heeft ook geen zijn om te wachten.

Uiteindelijk op 5 km van de Pakistanese grens wordt ons gezegd dat de grens gesloten is en we pas morgen kunnen oversteken.

We worden naar een hotel in Mir Jaheh gebracht, een paar kilometer verder en zijn blij dat de dag eropzit en we veillig staan.

De hoteleigenaar wil ons perse een kamer verkopen, maar daar willen wij niets van weten en hij rekend dan maar de kamer om zijn parking te bewonen met onze camper. Hij klopt er niet naast met zijn 200 000 rial (20$) die hij ons vraagt, in Kerman rekenden we 4$ af om op de parking van een veel mooier hotel te slapen. Het zal ons een zorg zijn het is 19 uur en we zijn letterlijk doodmoe, we eten iets en voor we de matras raken slapen we beiden als 2 betonblokken.

Morgen rijden we de laatste 5 km naar de Palistanese grens en veranderen we van land, van uur en van rijrichting.

Bye Bye Iran het was een aangename en leerrijke ervaring, we hebben genoten!!!


Voor de foto;s     klik           hier.

 

« prev top next »
top
Menu

Powered CMSimple | Template: ge-webdesign.de | Web support: website123.be | Login